Een Oekraïense drone heeft maandagochtend schade aangericht bij een Russische olieraffinaderij in een zuidoostelijke voorstad van Moskou. De burgemeester van de Russische hoofdstad, Sergej Sobjanin, heeft op Telegram gemeld dat bij de aanval op de raffinaderij van Gazprom geen gewonden zijn gevallen. Hulpdiensten waren ter plaatse om het vuur te doven.

De aanvallen komen op het moment dat de Oekraïense president Volodymyr Zelensky aanschuift bij de G7-top in het Franse Évian-les-Bains. De leiders van de zeven grootste economieën bespreken in het Franse kuuroord nabij Genève naast de situatie rond Iran en de Straat van Hormuz ook de oorlog tussen Rusland en Oekraïne.

Op zijn X-account schrijft Zelensky over de aanval dat Rusland de „reikwijdte” van de „Oekraïense langeafstandsraketten heeft gevoeld”. Oekraïne wil met de aanvallen „een einde maken aan de oorlog tegen ons volk”, aldus Zelensky. „En de langeafstandsraketten van Oekraïne zijn een belangrijk middel om die druk uit te oefenen.”

Oekraïne heeft de afgelopen maanden de aanvallen op de Russische energie-infrastructuur geïntensiveerd. Naast de raffinaderij in Moskou werd maandag ook een oliemagazijn in de zuidelijke regio Krasnodar geraakt, melden lokale autoriteiten.