Vakanties worden steeds duurder. Vliegticketprijzen stijgen, net zoals de benzineprijs. Ook belastingen op accommodaties nemen toe. Gezinnen met schoolgaande kinderen voelen de druk wellicht het meest. Die prijsstijgingen worden vaak toegeschreven aan brandstoftekorten of inflatie, maar als ouder en fervent reiziger weet ik dat die factoren niet het hele verhaal vertellen.

Voordat ik moeder werd, reisde ik de wereld rond, inderdaad tegen de aantrekkelijke ‘vanaf-prijzen’. Nu moet ik accepteren dat niet alleen dezelfde vluchten twee tot drie zo duur zijn, ik moet deze prijzen ook betalen voor mijn kinderen. De echte oorzaak van onze dure vakanties? De vaste schoolvakanties, waarin vraaggestuurde prijsstijgingen in de hele reisketen voelbaar zijn.

Elk jaar opnieuw ben ik hoogst verbaasd over de prijzen die mijn vriendinnen betalen voor een familiecamping in Italië. Voor datzelfde budget betaalde ik vroeger een zelfgeplande rondreis door Indonesië, alles inclusief. De prijzen rijzen de pan uit zodra de schoolvakanties beginnen. En niet alleen de prijzen, ook de hitte, de drukte op luchthavens en de files tijdens de beruchte ‘zwarte zaterdagen’ maken de reis er niet aangenamer op.

Daarom pleit ik voor meer flexibiliteit in de schoolvakantiedata. Recent onderzoek van reisapp Skyscanner onder duizend Nederlanders toont aan dat maar liefst 52 procent van de ouders hier voorstander van is. Met name de 35- tot 44-jarigen, de groep met jonge schoolkinderen, heeft de grootste behoefte aan deze verandering. Het is duidelijk dat veel gezinnen de noodzaak hiervan inzien: 87 procent van de reizigers zou bereid zijn hun reisplannen met een dag eerder of later vertrek aan te passen om kosten te besparen.