Dat bevestigt het ministerie van Buitenlandse Zaken na berichtgeving van de NOS. De Nederlandse regering was eerst niet van plan om de 47 Palestijnen te helpen bij het organiseren van hun reis naar Nederland. Wel had de overheid om goedkeuring gevraagd aan de Israëlische veiligheidsdienst COGAT om Gaza te verlaten.

Maar Nederland heeft toch diplomatieke hulp verleend zodat de twee Palestijnen Gaza konden verlaten. Dat zal het ministerie van Buitenlandse Zaken ook doen voor de andere Palestijnen met een Nederlands werk- of studievisum. Zonder die diplomatieke hulp is het bijna onmogelijk voor de Palestijnen om grenzen over te steken, ook met toestemming van Israël.

De studenten zijn meegereisd met een groep die onderweg is naar Spanje en Italië. Ze hebben met een bus Gaza verlaten en rijden vanaf de Israëlische grens naar Jordanië. Vanaf de luchthaven in de hoofdstad Amman, waar ze hun visum ophalen, vliegen ze naar Nederland.

Het ministerie benadrukt dat het niet gaat om een volledige evacuatie, zoals het geval was bij Nederlanders die vastzaten in Gaza en de enkele zieke kinderen die zijn geëvacueerd. Het tweetal dat nu onderweg is naar Nederland, stapte in februari nog naar de rechter in Den Haag voor consulaire hulp om Gaza te verlaten. Die zaak verloren ze, maar de Raad van State oordeelde een maand later dat het ministerie ze wel moet helpen.