Gary Rohwer (85) dacht dat de regering „alleen achter bad guys” zou aangaan. Zo ging het niet op de ochtend van 10 juni 2025, nu bijna een jaar geleden. ICE-agenten omringden ongemerkt zijn vleesverwerkingsbedrijf Glenn Valley Foods in Omaha, Nebraska. Ze waren gemaskerd en hadden wapenstokken, een stormram en een drone. Binnen had niemand iets door, tot de deur van de fabriekshal openging. Sommige werknemers vluchtten de vriescel in.

Om half twee ’s middags waren ongeveer 75 werknemers van Rohwer op weg naar een detentiecentrum in het midden van Nebraska, uren verderop. Dat was grofweg de helft van zijn personeel. Om drie uur verschenen „twee broers, ongeveer veertien jaar oud” bij de fabriek, vertelt Rohwer. „Ze waren bezorgd en vroegen waar hun moeder was. What the hell zeg je dan? Ze is afgevoerd en zit in de gevangenis?”

Een jaar later klinkt de woede nog in Rohwers stem aan de telefoon. De ondernemer, die zijn leven lang als Republikein geregistreerd stond maar in 2024 Democratisch stemde, zag de meeste mensen nooit meer terug. Dat „brak zijn hart”, vertelt hij, maar Rohwer moest óók direct proberen zijn bedrijf te redden. ICE verklaarde dat hij zelf niks verkeerd had gedaan, Rohwer had zijn personeel voldoende gescreend, maar desalniettemin was de impact enorm.