Op een betonnen muur voor de fanshop van het Emirates Stadium van Arsenal komt David Olaiya in de brandende zon op adem. De 22-jarige Amerikaan reisde na aankomst op vliegveld Heathrow in één ruk door naar het Londense stadsdeel Islington. Ondanks zijn jetlag verkeert hij in opperbest humeur. Zijn favoriete club, met Bukayo Saka (24) als een van de publiekslievelingen, won voor het eerst in zijn leven de landstitel.

„Saka komt uit de jeugdopleiding van Arsenal, schopte het tot international van Engeland en is bovenal een rolmodel”, vertelt Olaiya. Dat de voetballer net als hij Nigeriaanse wortels heeft, schept een band maar kleurt volgens hem zijn mening niet. De New Yorker zet zolang hij zich kan herinneren ’s nachts de wekker om The Gunners (kanonniers, de bijnaam van Arsenal) op televisie in actie te zien. „Ik heb veel afgezien”, zegt hij met een grijns.

Olaiya gebruikt niet toevallig het Britse woord ‘football‘ in plaats van het Amerikaanse ‘soccer‘. Zijn ouders waren al fans van Arsenal toen ze de Nigeriaanse hoofdstad Abuja verlieten, nog voor zijn geboorte. In het West-Afrikaanse land genoot de club rond de millenniumwisseling een cultstatus door de aanwezigheid van Nigeriaanse spelers als Nwankwo Kanu. „En nog steeds. In de straten van Lagos brak een volksfeest uit toen Arsenal de Premier League won.”