Een vat Amerikaanse Brentolie, de maatstaf voor de olieprijzen, kostte donderdagochtend 97,97 dollar (zo'n 84 euro). Woensdag was die prijs nog een stuk lager vanwege de hoop op een snel einde aan de oorlog. Dat zou een heropening van de Straat van Hormuz betekenen voor olietankers.
Door de stijgende olieprijzen waren ook beleggers op de Aziatische oliemarkten minder positief. Zo verloor de Nikkei-index op de beurs in Tokio 1,5 procent. De Kospi in Seoel daalde 3,6 procent en de Hang Seng zakte 1,2 procent. Het lijkt er daarnaast op dat ook de Europese aandelenbeurzen later op donderdag verliezen zullen laten zien.
Koeweit zou in de nacht van woensdag op donderdag meerdere drone- en raketaanvallen hebben afgeweerd. Verder viel de Iraanse Revolutionaire Garde een Amerikaanse luchtbasis aan. Dat was als reactie op een Amerikaanse aanval in de buurt van de luchthaven van Bandar Abbas. De VS zou daarnaast Iraanse drones hebben onderschept.
De olieprijzen zijn over het algemeen flink hoger dan voor de oorlog in het Midden-Oosten. Toen de VS en Israël Iran aanvielen, ging de Straat van Hormuz dicht. Daardoor viel het energietransport door die zeestraat vrijwel stil. Dat zorgde wereldwijd voor prijsstijgingen.
















