Ronald Koeman leek duidelijk in wat hij eist van Memphis Depay, eind maart voor een oefenduel tegen Noorwegen. Dat de aanvaller in aanloop naar het WK voetbal opnieuw geblesseerd was geraakt vond hij „natuurlijk niet positief”. Met een strakke blik zei de bondscoach: „Ik vind wel dat hij topfit moet zijn.”
Een paar dagen later, voor een oefeninterland tegen Ecuador, was Koeman nog iets scherper. Hij stelde dat Depay „superfit moet zijn, anders is hij niet de meerwaarde die hij zou moeten zijn”. Depay werkte die week in Nederland aan zijn herstel van een spierblessure in zijn rechterdijbeen. Hij kwam langs op het trainingskamp in Zeist en sprak daar met Koeman over zijn fysieke problemen. „Voor je het weet is het zover, nog acht weken”, had Koeman tegen hem gezegd.
Nu is het twee maanden later – het moment dat Koeman zijn WK-selectie moet bepalen. En superfit is Depay (32) nog niet te noemen. Afgelopen zondag speelde hij voor het eerst sinds 23 maart weer voor zijn Braziliaanse club Corinthians. Een half uur voor tijd werd hij ingebracht tegen Clube Atlético Mineiro: Depay viel niet op, maar was wel betrokken bij de aanval die leidde tot de winnende goal. In de Nederlandse nacht van woensdag op donderdag speelt Depay naar verwachting nog tegen Platense.














