De nieuwe regel staat in een toelichting op de beoogde veranderingen aan de zogeheten huisvestingsverordening van Amsterdam voor 2027. In bijzondere gevallen zijn uitzonderingen mogelijk, bijvoorbeeld als mensen net zijn gescheiden of pas een huis hebben geërfd.
De gemeente schat in dat zo'n achthonderd tot duizend sociale huurders ook een koopwoning bezitten. Op een voorraad van 223.000 sociale huurwoningen is dat minder dan een half procent. Dat maakt de maatregel eerder principieel van aard.
Huizen van woningcorporaties - meestal sociale huurwoningen - zijn er om mensen te voorzien die niet zelfstandig op de vrije markt kunnen huren. Landelijk huren bijna twaalfduizend mensen die een koopwoning hebben ook zo'n woning.
Tienduizend van hen wonen in een sociale huurwoning en verhuren hun koophuis om er geld mee te verdienen. Ze komen dus eigenlijk niet voor zo'n huurhuis in aanmerking. In ongeveer tweeduizend gevallen heeft een huurder een extra woning door persoonlijke omstandigheden zoals een scheiding of het overlijden van een ouder.
Van de tienduizend huurders heeft een op de tien zelfs meerdere koopwoningen, bleek begin dit jaar uit onderzoek van het Centraal Planbureau (CPB). Enkele tientallen mensen zijn eigenaar van meer dan tien huizen.














