De strijd tussen het Fonds Podiumkunsten en de subsidieaanvragers verhardt. Dertien instellingen vochten hun subsidieafwijzing bij de rechter aan, acht kregen (gedeeltelijk) gelijk. Nu de eerste herbeoordelingen zijn ontvangen, zien ten minste vier aanvragers opnieuw reden voor een rechtsgang. Als de lopende beroepszaken eindigen in een subsidieverplichting, brengt dat het Fonds in financiële problemen. De daarvoor benodigde 23 miljoen euro heeft het Fonds niet.
Het FPK is een van de grootste subsidieverstrekkers voor makers en gezelschappen in de podiumkunsten. Met name de meerjarige productiesubsidies, met jaarlijkse bedragen van 100.000 euro tot 845.000 euro, zijn voor veel aanvragers essentieel voor hun voortbestaan. Dertien van de 66 bezwaren in de laatste subsidieperiode mondden uit in een rechtszaak. Gezelschappen kregen op punten gelijk omdat het Fonds subsidieadviezen onvoldoende onderbouwt, de criteria voor subsidietoekenning onhelder waren en meerdere commissieleden de schijn van partijdigheid hadden.
De huidige meerjarige subsidieperiode is al zo’n anderhalf jaar onderweg. Over nog eens anderhalf jaar moeten gezelschappen, makers en orkesten hun aanvragen voor de vólgende meerjarige productiesubsidies indienen. Veel tijd om vooruit te blikken is er niet, nu vooral nog achterom gekeken moet worden. NRC zocht contact met de dertien gezelschappen die naar de rechter zijn gestapt. De helft van de gezelschappen die daar in het gelijk werden gesteld, zeggen nu nogmaals een rechtsgang te maken. De herbeoordelingen die volgden op de gerechtelijke uitspraken leverden geen extra subsidietoekenningen op. Holland Opera, SHARP/ArnoSchuitemaker en theatergroepen Suburbia en De Warme Winkel zeggen opnieuw onzorgvuldigheden te zien die ze door een rechter willen laten toetsen. Ook sprak NRC met Viktorien van Hulst, directeur van het FPK.















