Nadat maandag de veelbesproken rechtszaak van Elon Musk tegen Sam Altman en OpenAI was uitgemond in een pijnlijke nederlaag voor Musk, verklaarde de rechter dat ze blij was dat het proces was gevoerd. Het was belangrijk dat de zaak duidelijkheid had gebracht, zei ze tegen de advocaten van beide partijen.
Inderdaad had het proces in drie weken genoeg materiaal opgeleverd om de jury in staat te stellen in slechts twee uur een oordeel te vellen, en de rechter om dat oordeel vervolgens meteen te accepteren. Musk had te lang gewacht, hij had het proces niet aangespannen binnen de termijn die de wet stelt – en daarmee was de zaak van tafel.
OpenAI kan nu door met zijn voor het komende jaar voorgenomen beursgang, zonder opgezadeld te zijn met een reusachtige schadevergoeding of een onthoofde directie, zoals Musk had geëist.
Maar door deze uitkomst is er geen inhoudelijk oordeel geveld over de beschuldigingen van Musk aan het adres van zijn rivaal Altman en OpenAI waar het proces om draaide. Mochten Altman en zijn zakenpartners OpenAI, dat in 2015 was opgericht als een onderneming zonder winstoogmerk, vier jaar later wel omzetten in een op winst gericht bedrijf? En hebben zij zich op een onrechtmatige manier verrijkt?














