Bij zijn eerste politieverhoor, op 26 januari 2020, sorteerde Ridouan Taghi al voor op de situatie waarin hij zich nu bevindt. In een speciaal voor hem gebouwde verhoorkamer op het terrein van de Extra Beveiligde Inrichting in Vught heeft hij het over een nepproces en een mediacircus: „Zeg tegen de rechter gewoon lekker: geef mij levenslang.”

Levenslang heeft hij inderdaad in 2024 gekregen van de Amsterdamse rechtbank. En na de arrestatie van zijn advocaten Youssef Taghi in 2022, Inez Weski in 2023 en Vito Shukrula in 2025 zit hij nu zonder rechtsbijstand in het hoger beroep van zijn strafzaak.

Hoewel niemand dat wenselijk vindt, is het niet gelukt een nieuwe advocaat te vinden. Meerdere oproepen en een aantal gesprekken met gegadigden hebben niks opgeleverd. Ondertussen vordert het hoger beroep in de strafzaak Marengo gestaag. Volgens de planning zal het Openbaar Ministerie eind mei beginnen met het formuleren van een strafeis tegen Taghi en dertien medeverdachten.

Zowel het Openbaar Ministerie als het dekenberaad – een overlegorgaan van de elf lokale dekens van de Orde van Advocaten – zien op dit moment niets in het verplicht aanstellen van een advocaat. En dat geldt ook voor Taghi zelf. „Ik zou niet willen dat een advocaat wordt gedwongen”, zei hij eind vorig jaar tijdens een speciale zitting over zijn rechtsbijstand.