Pop Fans stonden in januari eindeloos in de virtuele rij voor tickets voor de tien shows van Harry Styles in Amsterdam. Toch is niet alles uitverkocht. Zijn de kaartjes te duur? „Niet iedereen kan gaan, terwijl muziek iets voor iedereen is.”
De opwinding was groot toen in januari de aankondiging kwam dat de Britse superster Harry Styles weer ging optreden. Een reguliere tour zou het niet worden: Styles (32) doet zogenoemde ‘residencies’: langere concertreeksen in dezelfde stad, in totaal in slechts zeven steden. In New York doet hij maar liefst dertig shows. Daar registreerden 11,5 miljoen mensen zich voor de pre-sale, een record voor die stad.
De Together, Together-tour begint in de Johan Cruijff Arena (die plek biedt aan 50.000 bezoekers per keer) in Amsterdam, waar hij vanaf zaterdag tien concerten geeft, uitgesmeerd over drie weken. Niet eerder deed een artiest zo’n lange concertreeks in de Arena. Na de aankondiging ontstond een grote hype; bij aanvang van de kaartverkoop deelden fans screenshots van de gigantische digitale wachtrijen waarin ze zaten – van soms tienduizenden wachtenden. Het aanvankelijk geplande aantal van zes concerten werd verhoogd naar tien.
Na de eerste enthousiaste reacties van fans begon ook het gemopper. Kaartjes voor de shows zijn duur: staanplaatsen kosten 141,37 tot 315,28 euro; zitplekken 46 euro (slecht zicht), oplopend tot 203 euro. Het duurste kaartje kost zo’n 826 euro, daarvoor krijgt de bezoeker onder meer een plekje binnen de ring van het podium en een fast pass toegang tot de pop-upshop, voor een cadeaupakket met ‘exclusieve merch’. Een ontmoeting met Harry krijg je er niet voor, wel een fotomogelijkheid voor de ‘VIP backdrop’.







